Ik ontdek dat nabijheid niet ontstaat door zoeken, maar door herkennen. Niet door aantrekken, maar door afstemmen.

Niet door hunkeren, maar door de ruimte waarin de ander zichzelf durft te zijn naast wie ik ben.

Ik hoef geen brug meer te bouwen. Ik bén de oever.. En wie wil oversteken, komt uit eigen beweging.

Ik leer ontvangen zonder te buigen, en geven zonder mezelf te verlaten.

Liefde hoeft niet meer te bewijzen dat ze echt is; ze ademt vanzelf wanneer 2 harten niet meer vechten om bestaansrecht.

Ik hoef niemand te redden en niemand hoeft mij te dragen.
We staan, ieder in onze eigen grond, en precies dáár raken wij elkaar.

Geen versmelting of afstand, maar resonantie.

Twee tonen die elkaar horen zonder elkaar te overschreeuwen.

En ik besef nu: dit is geen zoektocht naar verbinding, maar een staat waarin verbinding mij vindt...